LP&M_2026_social_foto_rond kopie17

Wie is Maud Naus?

“Ik ben 35 jaar en woon in Egchel. Ik ben getrouwd en we hebben twee meiden van 2 en 5 jaar. In het dagelijks leven ben ik economiedocent bij Gilde Opleidingen.
In mijn vrije tijd speel ik bugel bij de muziekvereniging in Egchel. Daarnaast sport ik bij FitFanatics en wandel ik graag met vriendinnen.”

Hoe zag je politieke carrière er tot nu toe uit?

“Ik ben sinds kort politiek actief, maar al lange tijd politiek geïnteresseerd. Die interesse ontstond bij ons thuis aan de keukentafel. Mijn vader, Wie Naus, zat jarenlang namens Lokaal Peel en Maas in de gemeenteraad. Nadat hij had aangegeven niet meer actief op de lijst te willen staan, besloot ik zijn plek over te nemen. Een hele eer! Overigens koos ik ook heel bewust voor Lokaal Peel en Maas, omdat het een lokale partij is zonder landelijke agenda.”

Op welk politiek wapenfeit van Lokaal Peel en Maas ben je het meest trots?

Ik ben trots dat Lokaal Peel en Maas de pre-mantelzorgwoningen mogelijk heeft gemaakt. Wij hebben zelf een dergelijke woning kunnen realiseren. Hierdoor kwam er een woning vrij voor starters en konden we een toekomstbestendige woonoplossing realiseren voor onszelf en voor mijn ouders. Als dat nodig is, kunnen we hen in de toekomst op een laagdrempelige manier zorg bieden.”

Waarom stel je jezelf verkiesbaar bij de aankomende gemeenteraadsverkiezingen?

“Om ouders met (jonge) kinderen een sterke stem te geven in de gemeenteraad. Vanuit mijn werk als mbo-docent ken ik de kansen en uitdagingen van jongeren van dichtbij. Ik ga en sta voor een sterke, betrokken gemeenschap in de kernen. Een gemeenschap waarin gezinnen en jongeren centraal staan. En waar zij zich gehoord, gesteund en veilig voelen.
In de komende raadsperiode wil ik mij vooral inzetten voor het creëren van kansen voor jongeren, betaalbare voorzieningen voor gezinnen en een veilige leefomgeving.”

Wil je lezers verder nog iets meegeven?

“Als moeder en onderwijzeres sta ik midden in het dagelijks leven. Ik hoop dat inwoners zich in mij herkennen en zich daardoor vertegenwoordigd voelen in de raad.”